Posts tonen met het label rentelasten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label rentelasten. Alle posts tonen

maandag 10 september 2012

Partij voor zzp’ers

Nederland kent veel zzp’ers en flexwerkers. Deze hebben de klappen van de kredietcrisis opgevangen, waardoor de werkloosheid in Nederland – althans volgens de officiële statistieken – relatief laag is gebleven. Veel van deze zzp’ers en flexwerkers hebben onder de huidige omstandigheden moeite met het vinden van opdrachten en werk en komen in financiële problemen. Zij vallen tot nu toe buiten veel sociale zekerheid voorzieningen, zoals een arbeidsongeschiktheidsverzekering, en kunnen zich vaak alleen met veel moeite en tegen hoge kosten verzekeren, waardoor velen onverzekerd zijn. Dat moet anders.

LibDem wil daarom dat voor zzp’ers voorzieningen worden getroffen waardoor zij sociale zekerheid kunnen krijgen tegen analoge condities als werknemers. Er is geen reden zzp’ers systematisch anders te behandelen dan werknemers in vaste dienst!

Er is een andere reden waarom LibDem voor zzp’ers een aantrekkelijke partij is. Alle andere politieke partijen willen in de periode 2013-2017 fors op de begroting van de overheid bezuinigen. Dat heeft gevolgen voor de binnenlandse bestedingen en voor de werkgelegenheid. Met name zzp’ers zullen dat direct merken. Zij zijn immers de eersten die minder opdrachten krijgen als de binnenlandse economie stagneert.

LibDem vindt dat er op dit moment niet bezuinigd moet worden. Dat is uit economisch oogpunt niet verstandig. De politici zijn in feite bezig de vorige crisis te bestrijden, die van de jaren ’80 van de vorige eeuw. De economische situatie is nu een geheel andere dan in de jaren ’80, toen bezuinigingen wel zin hadden. Toen had Nederland een tekort op de betalingsbalans; nu is sprake van een fors overschot dat door de bezuinigingen nog verder zal oplopen. In de jaren ’80 was de rente hoog; nu is deze uitzonderlijk laag. Dat betekent dat de rentelasten op de staatsschuld op dit moment historisch gezien gering zijn.

Op dit moment is het dus niet verstandig om te bezuinigen. De berekeningen van het Centraal Planbureau laten zien wat de gevolgen zijn: bij alle partijen die fors bezuinigen lopen de binnenlandse bestedingen terug. Als gevolg daarvan stijgt de werkloosheid met 100.000 personen. Hierin is niet eens meegeteld het aantal zzp’ers dat niet of nauwelijks werk kan vinden. Het bezuinigingsbeleid heeft dus desastreuze gevolgen voor de werkgelegenheid en met name voor de zzp’ers.

Is het bezuinigingsbeleid dan goed voor de overheidsfinanciën? Nee, zelfs dat niet. Bij de VVD, bijvoorbeeld, stijgt de nominale staatsschuld wel minder snel. Maar de staatsschuldquote – de staatsschuld uitgedrukt in percentage van het binnenlands product – stijgt bij de VVD! Dit komt doordat het binnenlands product als gevolg van alle maatregelen een stuk lager uit komt. Daarmee wordt het draagvlak voor het financieren van de staatsschuld ook lager. Met andere woorden: het beleid heeft niet eens het beoogde effect: het duurzaam gezond maken van de overheidsfinanciën.

Veel economen vinden het voorgenomen bezuinigingbeleid dan ook onverstandig. Het is alleen merkwaardig dat hier geen discussie over wordt gevoerd en dat iedereen – ten onrechte – gefixeerd is op de staatsschuld en de bezuinigingen. Voormalig VVD-minister van Financiën Witteveen spreekt in dit verband zelfs van een collectieve psychose.

LibDem doet aan deze collectieve psychose niet mee en wil eerst de economie op gang krijgen en dan pas bezuinigen. Dat is beter voor de binnenlandse bestedingen, voor de werkgelegenheid en met name ook voor het mkb en de zzp’ers.

LibDem is dus niet alleen een aantrekkelijke partij voor zzp’ers vanwege de voorgenomen toegang tot de sociale voorzieningen, maar ook vanwege het macro-economisch beleid dat voorrang geeft aan een herstel van de economie en de werkgelegenheid.

Er valt bij deze verkiezingen dus echt iets te kiezen!


zaterdag 8 september 2012

Werkloos door massapsychose

In alle verkiezingsprogramma’s van de partijen die nu in de Tweede Kamer vertegenwoordigd zijn, wordt fors bezuinigd: van 22 mrd bij de VVD tot 10 mrd bij GroenLinks. En dat heeft gevolgen. De binnenlandse bestedingen nemen door deze maatregelen af en de werkloosheid stijgt. Volgens het Centraal Planbureau stijgt de werkloosheid bij alle partijen, bij de PvdA en D66 zelfs met meer dan 100.000 personen. En dat zijn dan full time banen! Bij de VVD stijgt de werkloosheid minder, met ‘slechts’ 60.000 personen.

Deze plannen betekenen niet alleen dat de werkloosheid stijgt, maar ook dat meer bedrijven failliet zullen gaan. En dat zullen met name bedrijven zijn die voor de binnenlandse markt produceren. Vooral het mkb, dus.

De reden dat men wil bezuinigen is vanwege het begrotingstekort van de overheid en een oplopende staatsschuld. Het ironische is dat de staatsschuldquote – de verhouding tussen de staatsschuld en het bruto binnenlands product – bij de VVD en de PvdA juist stijgt. Het beoogde effect wordt dus niet bereikt!

Zoals ik al eerder in een blog uiteenzette, zijn deze politici bezig de crisis van de jaren tachtig te bestrijden. Toen was er in Nederland sprake van een klassieke werkloosheid: de lonen waren te hoog ten opzichte van de prijzen, er was een tekort op de betalingsbalans en er was sprake van een heel hoge rente. Onder die omstandigheden was het verstandig te bezuinigen. Nu niet. Verkeerde diagnose en verkeerde therapie dus.

LibDem staat met deze constatering niet alleen. Veel gerenommeerde economen vinden dat het in deze omstandigheden niet verstandig is te bezuinigen. In het buitenland zijn dat onder meer Nobelprijswinnaar Paul Krugman, hoofdeconoom van het IMF Olivier Blanchard en het Britse blad The Economist. In Nederland zijn dat de hoogleraren Eduard Bomhoff en Ewald Engelen en voormalig IMF-directeur en VVD-minister van Financiën Johan Witteveen.

Deze laatste verbaast zich ook over de huidige bezuinigingswoede. Gisteren wees hij in een interview in de Volkskrant op het grote overschot op de betalingsbalans en noemde het merkwaardig dat dat nooit genoemd wordt. ‘Er wordt absurd veel bezuinigd’ luidde de kop boven het interview. ‘Ik ben verbaasd, het lijkt wel een collectieve psychose. Als ze het doorzetten, worden we in een depressie gedrukt. Het is niet te begrijpen. Er is zelfs geen discussie over.’

Dat laatste is wel het meest merkwaardige. Het gaat niet om niets. Meer dan 100.000 extra werklozen door verkeerd beleid. Dat is één op de 60 werkende Nederlanders. En die komen nog eens bij de 400.000 werklozen die er zonder dit beleid toch al zullen zijn. Als gevolg van dit beleid is straks dus één op de 15 Nederlanders werkloos. Tel daarbij op alle bedrijven die failliet zullen gaan. Dat is pas echt lasten naar de toekomst verschuiven!

Het wordt nu, vier dagen voor de verkiezingen, tijd hier een debat over te voeren. Er moeten toch journalisten zijn die begrijpen waar het om gaat? LibDem is de enige partij die niet aan deze bezuinigingswoede mee wil doen en waarbij de werkloosheid dus niet extra stijgt. Dat is op dit moment ook het enige verstandige beleid. Zolang dat beleid niet gevoerd gaat worden kunnen de toekomstige werklozen in ieder geval de oorzaak van hun werkloosheid kennen: werkloos door massapsychose.

vrijdag 24 augustus 2012

Politici bestrijden vorige crisis

Generaals zijn vaak bezig de vorige oorlog uit te vechten. Het lijkt alsof de meeste politici in Nederland ook de vorige economische crisis aan het bestrijden zijn. Als je Rutte, Pechtold, van Haersma Buma hoort spreken hebben zij een uitstekend recept om de crisis op te lossen. Maar dan wel die van begin jaren tachtig van de vorige eeuw. Niet de huidige. Je vraagt je af of zij het verschil wel kennen tussen een Keynesiaanse en een klassieke werkloosheid.

In de jaren tachtig was er sprake van een klassieke werkloosheid. De lonen waren te hoog ten opzichte van de prijzen. Het was daarom niet lonend om de werkgelegenheid uit te breiden. Nederland leed aan de zogenoemde Dutch disease en had zich uit de markt geprijsd. Wij gaven als land meer uit dan wat wij verdienden en hadden dus een tekort op de betalingsbalans. In die situatie had het geen zin om het tekort van de overheid te laten oplopen. Er was immers geen sprake van een vraagtekort. Toch is het overheidstekort toen fors gestegen: van 0,8% in 1977 naar maar liefst 6,2% in 1982. Dat was toen niet verstandig en onder die omstandigheden was het beter geweest de overheidsfinanciën sneller op orde te brengen.

Nu is de situatie heel anders: er is sprake van een Keynesiaanse werkloosheid. De economie krimpt door een tekort aan vraag naar goederen en diensten. Onder die omstandigheden moet de overheid juist zorgen dat de vraag op peil blijft. Dat gebeurt nu niet en doordat de overheid bezuinigingen en lastenverhogingen aankondigt, worden de mensen bang en geven minder uit. Je ziet in Nederland de binnenlandse bestedingen teruglopen en de Nederlandse economie doet het dan ook slechter dan die van de omringende landen. Een duidelijk verschil met de jaren tachtig is ook dat wij al jaren een fors overschot op de betalingsbalans hebben: wij verdienen als land meer dan dat wij uitgeven. Dat overschot loopt nu verder op door de terugval van de binnenlandse bestedingen en dat is niet goed voor het evenwicht in Europa.

Onder de huidige omstandigheden is het het beste om de zogenaamde automatische stabilisatoren te laten werken: het overheidstekort loopt dan iets op en zal vanzelf weer dalen als de economie weer aantrekt. 

En de staatsschuld dan? Natuurlijk zal die iets stijgen, maar dat moet ook in perspectief worden geplaatst. In 1950, tijdens de wederopbouw was deze 141% van het bruto binnenlands product. Dat is als gevolg van economische groei gedaald tot 38% in 1977. Door de crisis in de jaren tachtig liep deze op tot 77% in 1993. Op dit moment bedraagt de staatsschuldquote 72%.

Een groot verschil is evenwel de lange rente. In de jaren tachtig was deze heel hoog, met een top van 11,5% in 1981. Dat past bij het economisch beeld van toen: een klassieke werkloosheid die met verkeerd beleid bestreden werd. Als gevolg daarvan betaalde de overheid enorme rentelasten over de staatsschuld met maxima van 6,2% van het bruto binnenlands product in 1985 en 1992. Nu bedraagt de lange rente 2,0% en zijn de rentelasten van de overheid 2,0% van het bruto binnenlands product.

Natuurlijk is het verstandig de staatsschuld niet te ver te laten oplopen en moeten de overheidsfinanciën op termijn weer gezond zijn. Maar voor gezonde overheidsfinanciën is een gezonde economie nodig. Met het huidige beleid bereik je dat niet. Doordat de binnenlandse bestedingen teruglopen, zal de werkloosheid verder stijgen en zullen bedrijven failliet gaan. Dat is kapitaalvernietiging. De lessen van de jaren tachtig laten zien dat een “verloren generatie” - schoolverlaters die geen werk kunnen vinden – tenminste tien jaar nodig heeft om de schade weer in te halen. Dat is pas echt lasten naar de toekomst verschuiven.

Het zou goed zijn als de politici de balans tussen deze twee kwaden eens zouden opmaken: een iets hogere staatsschuld bij een lage rente of een hoge werkloosheid en een verloren generatie. LibDem kiest voor werkgelegenheid en het gezond maken van de economie. Dan daalt het overheidstekort en de staatschuld vanzelf, dat duurt alleen iets langer. Dat beleid past nu in de huidige economisch omstandigheden.

Wat de meeste andere politici doen is de crisis van de jaren tachtig bestrijden. En daardoor kan de huidige crisis nog heel lang duren. Zij schuiven daarmee lasten naar de toekomst. Hoezo aanpakken en nu vooruit?